Actueel
Start nieuw onderzoek in 2009: Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
De Rekenkamercommissie heeft onlangs besloten in 2009 in de gemeenten Wassenaar, Voorschoten en Oegstgeest een onderzoek in te stellen naar (aspecten) van de Wmo. Er vindt eerst een vooronderzoek plaats door de Rekenkamercommissie zelf en op basis daarvan besluit de Rekenkamercommissie bepaalde aspecten van de Wmo nader te onderzoeken. De planning is dat vóór 1 juli 2009 het vooronderzoek is afgerond en dat het nadere onderzoek begin 2010 is afgerond.
Onderzoek Rioleringszorg
De Rekenkamercommissie heeft onderzoek naar gemeentelijke Rioleringszorg afgerond en het rapport op 24 maart 2009 aangeboden aan de voorzitters van de gemeenteraden (zie onderzoeken).
Aanleiding van het onderzoek
Alle Nederlandse gemeenten hebben ervoor te zorgen dat de inzameling en het transport van afvalwater dat vrijkomt bij percelen binnen een gemeente, op een goede wijze wordt afgevoerd. De aanleg en het beheer van het daarvoor benodigde rioolstelsel is een gemeentelijke taak die zijn basis vindt in de Wet Milieubeheer.
Alle Nederlandse gemeenten hebben ervoor te zorgen dat de inzameling en het transport van afvalwater dat vrijkomt bij percelen binnen een gemeente, op een goede wijze wordt afgevoerd. De aanleg en het beheer van het daarvoor benodigde rioolstelsel is een gemeentelijke taak die zijn basis vindt in de Wet Milieubeheer.
Voor velen is het rioleringsbeleid lastig te doorgronden. De gemeente maakt een complex rioleringsplan, waarin onder andere wordt aangegeven welke rioleringen vervangen dienen te worden en op welke wijze het stelsel wordt onderhouden. De vervanging en het onderhoud hebben vaak grote financiële consequenties.
De Rekenkamercommissie vond het daarom van belang dat voor de gemeenteraad die over de rioleringsplannen beslist, helder en begrijpelijk wordt aangegeven welke plannen en keuzemogelijkheden er zijn. Dit belang geldt ook voor het beheer van de rioleringen, bijvoorbeeld personeelsformatie en -inhuur.
Conclusies en aanbevelingen onderzoek
De belangrijkste conclusie is dat er in geen van de drie gemeenten aan de raad alternatieve keuzemogelijkheden zijn geboden om kaders te stellen. De Rekenkamercommissie geeft aan dat er veel meer politieke keuzemomenten in het rioleringsbeleid zijn die benut kunnen worden. Daarmee kan veel scherper gestuurd worden op het tot stand komen van het beleid, de financiën en kwaliteit van de rioleringen. Juist omdat de burger direct de rekening betaalt via de rioolheffing en de kosten oplopen, moet de politiek zich meer bemoeien met de koers.
In het rapport wordt aangegeven dat de gemeenteraden ervoor moeten zorgen dat vóór het vaststellen van het rioleringsbeleid de feitelijke problematiek in beeld is gebracht. Vooraf moet duidelijk zijn welke keuzes gemaakt kunnen worden. Daarbij is het belangrijk dat er mogelijke oplossingsrichtingen worden besproken. Bij iedere oplossingsrichting moet worden aangegeven wat de voor- en nadelen, risico's, kosten en opbrengsten, maar ook de maatschappelijke effecten zijn. De commissie vindt verder dat bij het maken van de keuzes burgers, ondernemers en andere partijen betrokken dienen te zijn. Zeker in het licht van de nieuwe regels die de gemeente ook een uitgebreide zorgplicht geven op het gebied van hemel- en grondwater.
Onderzoek inzamelbedrijf Avalex
De Rekenkamercommissie voert samen met de Rekenkamer(commissies) van de gemeenten Delft, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Voorburg-Leidschendam en een onderzoek uit naar het beleid en beheer van het inzamelbedrijf Avalex. Avalex is een gemeenschappelijke regeling op het gebied van huishoudelijk afval en bedrijfsafval.
De toenmalige gemeenten Leidschendam, Rijswijk en Voorburg hebben in 2001 Avalex opgericht. In dat jaar is Avalex ook van start gegaan. Pijnacker-Nootdorp is in 2004 toegetreden, Wassenaar in 2006 en Delft in 2008. Een belangrijke reden voor de gemeenten om Avalex op te richten dan wel tot Avalex toe te treden is het behalen van kostenvoordelen door schaalvergroting.
Bij dit onderzoek (alleen voor de gemeente Wassenaar) staat de vraag centraal of de gemeentebesturen voldoende grip hebben op de door Avalex uitgevoerde afvalinzameling en of er door de gemeentebesturen kaderstellende en controlerende verbeteringen doorgevoerd kunnen worden.
Het onderzoek wordt uitgevoerd door een extern bureau en heeft een doorlooptijd tot en met september 2009.